sitemap

Broos: mijn zus Zahra, 17 juni 2007

Op 17 juni jongstleden was er tijdens het Midzomergrachtfestival de tweede activiteit van Broos. Broos is een Utrechts samenwerkingsverband van vrouwen uit IDEA, COC Midden-Nederland en OFRA.

De documentaire “Mijn zus Zahra” van Saddie Choua stond centraal deze middag. In de documentaire vertelt  Saddie het verhaal van de coming-out van haar zus Zahra en de reacties binnen het Marokkaans-Vlaamse gezin waarin zij opgroeiden. In de film vertellen 5 homoseksuele jongeren met een Islamitische achtergrond hun levensverhaal.

Er waren zo’n 90 mensen, met name vrouwen, naar de zaal van het Ammu gekomen. Na de vertoning van de documentaire was er het paneldebat. Onder leiding van Rahma el Hannoufi gingen Saddie Choua (de documentairemaakster), Mieke Manders (voorzitter COC Midden Nederland) en Miemount el Fakih (bestuurslid OFRA) met elkaar én met de zaal in gesprek over diverse onderwerpen uit de film.

De verschillende perspectieven waarmee er naar de film gekeken werd door de toeschouwers was interessant. De reactie van de vader van Zahra die zegt: “Het is haar keuze, daar moet zij mee leven, maar ík heb daar niets mee te maken”, werd door sommigen intolerant genoemd en juist door anderen weer heel tolerant, zeker als je het vergelijkt met andere reacties. Waar de één deze opmerking ziet als “maar hij accepteert zijn dochter niet helemaal zoals zij is”, zag iemand anders deze opmerking als “maar hij praat er tenminste over en wijst het niet helemaal af”. Saddie zegt dat hoe je het ook bekijkt, vanuit welk perspectief dan ook, dat zo’n reactie  wel hard blijft voor een jongere. “Iedere jongere is op zoek naar erkenning of bevestiging van zijn of haar ouders, als je wat ouder bent, dan kun je zoiets wel in een kader plaatsen maar als je jong bent, dan blijft zo’n reactie hard.”

Iemand uit de zaal vertelt dat zij de film erg herkenbaar vindt, zij is opgegroeid in een streng christelijke  omgeving en zag zeker overeenkomsten in de problematiek. Zij sprak haar bewondering uit voor Saddie en de mensen uit de film: “De moed die jullie hebben om dit op film vast te leggen, zodat wij het hier in Utrecht kunnen zien, moet wel erg groot zijn”.

Over het bespreekbaar maken van het onderwerp Homoseksualiteit binnen de Marokkaanse gemeenschap kwam er een reactie uit de zaal dat binnen deze gemeenschap het ook niet gebruikelijk is om over seksualiteit in zijn algemeenheid te praten. Mieke Manders van COC Midden Nederland gaf aan dat juist in dit perspectief het goed is om wél over dit soort onderwerpen te praten ‘aan de keukentafel’.  “Op scholen krijgen alle kinderen seksuele voorlichting en op veel scholen wordt er voorlichting gegeven over Homoseksualiteit. Het is belangrijk om te weten welke informatie je kind op school krijgt en waarover jongeren onderling praten. Dit zou een goede aanleiding kunnen zijn om er thuis ook eens over te praten”.

Ook kwam de vraag naar voren of het ‘praten over homoseksualiteit’ verschillend werkt bij moeders of bij vaders. Dit naar aanleiding van het verhaal van Carim uit de film: “Er is een vers uit de Koran die zegt: als je uw moeder mee hebt, of de vrouwen mee, dan heb je de democratie mee. Dat betekent dat je democratisch kunt gaan leven, en keuzes kunt maken. Het zijn meestal de moeders die het eerder aanvaarden”. Miemount el Fakih van OFRA beaamt dit en denkt ook dat over het algemeen moeders iets sneller zoiets aanvaarden van hun eigen kinderen.

Mieke Manders vertelde dat er bij het Info-Oor (waar diverse vragen binnenkomen) ook vragen van Allochtone jongeren met homoseksuele gevoelens binnenkomen. Op dit moment weten zij niet zo goed hoe zij deze jongeren kunnen helpen en verwijzen ze door naar stichting Yoesuf. Iemand uit de zaal merkt op dat het beter zou zijn als het COC deze jongeren wel zou kunnen helpen. Mieke zegt: “Dat willen we ook graag, maar we hebben op dit moment niet de kennis daarvoor in huis, daarvoor zijn we nu nog een te ‘witte’ organisatie. Maar er worden wel stapjes gezet, zoals bijvoorbeeld dit initiatief Broos. Graag willen we met organisaties verder praten over wat onze organisatie kan doen om wél de deuren te openen voor deze groep”. Maar het is niet gemakkelijk. Miemount el Fakih antwoordt op de vraag hoe het komt dat OFRA dit onderwerp bespreekt en dat dit niet bij iedere Marokkaanse organisatie zo is: “Dat komt omdat wij onze nek uitsteken”.

Nog een reactie uit de zaal: "Dit is een erg belangrijk onderwerp om te bespreken, maar het moet wel stap voor stap gebeuren, het heeft ook lang geduurd voordat de autochtone Nederlanders homoseksualiteit iets meer accepteerden. Geef het tijd, en vooral: praat met elkaar”. Deze tip werd dan ook meteen ter harte genomen. Na het debat werd er nog uitvoerig met elkaar nagepraat, dat leverde boeiende en leerzame gesprekken op. Al met al een bijzondere middag dus!

Over Broos

Broos bestaat sinds 2006 en is ontstaan vanuit een gezamenlijke wens om aandacht te besteden aan seksuele en culturele diversiteit. Broos richt zich op zowel de noodzaak aan interculturalisering (ontwitten) van de met name ‘witte’ homobeweging in Utrecht, als op het taboe-gehalte van het onderwerp homoseksualiteit (‘roze’ onderwerpen) bij migrantenorganisaties. IDEA is het stedelijk emancipatiecentrum, COC Midden-Nederland is de Utrechtse belangen/organisatie voor holebi’s en OFRA  is een Marokkaanse Vrouwenorganisatie